09 augustus 2015

The Swimmer: John Cheever

The Swimmer van John Cheever (1964) is een mustread, zoals al zijn werk. Cheever schreef ook al een schaatsnovelle getiteld Oh What a Paradise it Seems. Maar nu het zwemverhaal, dat even hilarisch als verontrustend is. De hoofdpersoon ziet zich graag als een legendarische man. Tijdens een tuinfeest in de buurt besluit hij via de zwembaden van alle tussenliggende huizen naar huis terug te zwemmen. 

'De enige plattegronden en kaarten die hij nodig had, zaten in zijn hoofd of zijn verbeelding, maar dat was voldoende. Eerst kwamen de Grahams, de Hammers, de Lears, de Howlands en de Crosscups. Hij zou de Ditmarstraat oversteken naar de Bunkers en na een kleine poort zou hij bij de Levys, de Welchers en het openbare zwembad komen. Dan had je de Hallorans, de Saches, de Biswangers, Shirley Adams, de Gilmartins en de Clydes. Het weer was prima en hij woonde in een buurt met zoveel water dat het op goddelijke genade leek, het was weldadig. Hij voelde zich uitstekend toen hij over het gras rende op weg naar huis via een ongewone route wat hem het gevoel gaf dat hij een pelgrim was, een onderzoeker een man met een doel en hij wist dat hij onderweg vrienden zou ontmoeten.'

De zwemmer wordt overal hartelijk ontvangen door de eigenaren van de zwembaden. De drank vloeit dan ook rijkelijk. Bij een nudistenechtpaar trekt hij zijn zwembroek uit. Als hij bij zonsondergang op de oprit van zijn huis staat, beziet hij de woning als volgt:

'Het huis was donker. Was het al zo laat dat ze naar bed waren gegaan? Was Lucinda bij de Westerhazy’s gaan eten? Samen met de meisjes of waren die ergens anders? Hadden ze niet met elkaar afgesproken dat ze op zondag alle uitnodigingen zouden afslaan om thuis te blijven? Hij probeerde de garagedeuren om te zien welke auto’s’ er waren. Maar de deuren zaten op slot en er zat roest aan de deurklink. Toen hij op het huis afliep, zag hij dat de storm de regenpijp had losgeslagen, de pijp hing naar beneden als een balein van een paraplu, maar dat kon hij morgen wel maken. Het huis was op slot en hij veronderstelde dat die stomme huishoudster de deur op slot had gedaan, tot hij besefte dat het al lang geleden was dat ze een huishoudster in dienst hadden gehad. Hij schreeuwde en klopte op de deur en probeerde hem in te duwen met zijn schouder en toen hij door de ramen keek, zag hij dat het huis leeg was.'

Lezen? Kan hier.

31 juli 2015

Stefan Zweig: Schachnovelle

Wie op de literatuur afgaat, weet dat schaken en waanzin dicht bij elkaar liggen. Dat geldt niet alleen voor de schaaknovelle van Zweig, maar ook voor de schaakfictie van Nabokov en Beckett. Beide laatsten zal ik een andere keer bespreken. Ik begin met het beroemdste schaakboek aller tijden - al was het maar omdat het lekker kort was voor je Duitse lijst - Schachnovelle.

De Oostenrijkse schrijver Stefan Zweig schreef een schaaknovelle, treffend getiteld Schachnovelle. Zweig was Joods, maar niet religieus en noemde zichzelf Jood door toeval. In 1933 verliet hij het continent. Vanwege de treurigheid in Europa pleegden Zweig in zijn vrouw zelfmoord in Braziliƫ in 1942. Hij schreef de novelle vlak voor de tweede wereldoorlog toen hij in Braziliƫ verbleef. Het is een bijzonder verrassend verhaal.

Het schaakverhaal speelt zich af aan boord van een passagiersschip. Een van de passagier is de wereldkampioen schaken Mirko Czentovic. Hij komt in contact met dr. B. een voormalige gevangene van de Oostenrijkse nazi's. In gevangenschap wist hij in het bezit te komen van een boek met beroemde schaakpartijen. Om zijn verstand op peil te houden begint hij de partijen uit zijn hoofd te leren, zonder bord, zonder stukken. Het komt dan later aan boord tot een treffen tussen deze dr. B. en Czentovic met een bizar eind. B. blijkt niet bestand tegen de psychologische kant van het schaken. En dan maak je vreemde sprongen.  Filmpje!

27 juli 2015

The Riddle of the Sands

Ik heb een zwak voor de roman The Riddle of the Sands van Erskine Childers (1902) waarin twee Britse zeilers op het Duitse waddeneiland Norderney ontdekken dat de Duitsers een aanval op de westkust van Engeland voorbereiden. Dat was voor de eerste wereldoorlog de zwakke plek in het Engelse verdedigingssysteem. De zeiler Davies wil meer er het naadje van de kous van weten. Davies nodigt daarom zijn oude studievriend Carruthers uit om mee te varen op zijn zeilvakantie op de Waddenzee en de Duitsers in de gaten te houden. Carruthers werkt immers op Buitenlandse Zaken. Dankzij een dag van dichte mist slagen ze voet aan wal te zetten op het eiland. Maar ze worden wel voortdurend gedwarsboomd. En verliefd worden ze ook. Een heuse spannende spionageroman met een vleugje romantiek. Het op en top Britse boek was immens populair voor de grote oorlog en dat bleef het boek ook daarna.

Charles Carruthers heeft voortdurend schoon genoeg van de badkuip waarin hij mee moet varen:

Carruthers: “I can’t stand another day cooked up in that damned boat of yours without stretching my legs properly. I cannot think soundly in a perpetual state of motion.  What’s more I cannot relate to that nautical lingo of yours. Nor those damned maps.”
Davies: “Charts"
Carruthers: "Damned charts!"

Verfilmd met Micheal York als Carruthers. Op Youtube te zien.